Het dierenleven bij het rif
Een groot deel van de koralen is wit - de skeletsubstantie van dode poliepen. Levende poliepen zijn daarentegen dikwijls opvallend bont van kleur. Verwanten van de koralen, de waaierkoralen en zeeveren, alsook sponzen en andere levende wezens, bezitten heldere kleuren. Blauwe en gele rifbaarzen en felschitterend roze, lilagekleurde en gele lipvissen wedijveren met levendig witrood gekleurde zeeslakken, smaragdgroene slangsterren en helblauwe zeesterren.
Deze schitterende kleuren zijn bedoeld om rovers in verwarring te brengen, maar tegelijk duidelijk aan te geven tot welke soort elk dier behoort.
Teamwork bij vissen
Op het rif komen vissen zo nu en dan samen om de komst af te wachten van bepaalde garnalen en lipvissen. Deze bevrijden de grotere vissen van parasieten en aangetast weefsel. Beide profiteren hiervan - de 'schoonmakers' hebben een zekere voedingsbron, en hun 'cliënten' blijven gezond.
Een ander voorbeeld van symbiose is het samenspel van holbewonende zeegrondels en pistoolkreeften. Een kreeftenpaartje graaft en onderhoudt een tunnel en leeft hier samen met een zeegrondel-paar. De grondels met hun scherpe ogen, geven elk teken van gevaar door aan de slechtziende kreeften, door met hun staart tegen de voelsprieten van de kreeften aan te slaan.
De vissen van het Grote Barrière Rif
Er leeft een ongelooflijke veelheid aan dieren rond het rif; van kleine, drijvende kwallen tot reuzenhaaien. Zeeschildpadden leven hier in grotere aantallen dan waar ook ter wereld. Goedmoedige zeekoeien, zwemmende verwanten van de olifant, bewegen zich traag door het zeegras en er waden vogels, zoals de rifreiger, door de ondiepe gedeeltes om vis te vangen.
Behalve 400 koraalsoorten leven bij het rif 200 soorten porseleinslakken en waarschijnlijk meer dan 2000 vissoorten (ongeveer een tiende van alle bekende soorten). Zon 200 soorten kunnen zich tegelijkertijd op een oppervlak van niet meer dan een voetbalveld bevinden.
Een heel leger van dieren graaft en boort zich in het rif naar binnen zoals onder andere boorzwammen, wormen, schelpdieren, zeeegels en koraaletende zeeslakken.
Bovendien eten verschillende vissen levende koralen: papegaaivissen knippen als het ware met hun scherpe, snavelvormige voortanden kleine stukjes af. Met hun afgeronde kiezen malen ze de knarsende hap fijn om bij het poliepenvlees te komen.
Ook zeesterren kunnen grote hoeveelheden koraal opeten. Zij stulpen hun maag uit en overgieten de poliepen met verteringssappen. Daarna halen zij hun maag weer binnen zoals een visser zijn net. Hun vangst is een gedeeltelijk verteerde koraalsoep. De beruchte doornenkroon-zeester kan in zijn eentje per dag een vierkante meter koraal verorberen.




del.icio.us
Digg
Reacties (0 geplaatst):
Plaatst uw reactie