Vissoorten
Evervis
Evervissen leven bij voorkeur in diep water (110-400 meter). Ze worden gevangen ten zuiden van Ierland en Engeland, aan de Atlantische zijde van Het Kanaal. In diep water voeden ze zich vooral met holtedieren. Soms komen ze in zulke grote aantallen voor, dat ze buiten hun zuidelijke verspreidingsgebied tot in noordelijke wateren doordringen, onder andere in de zuidelijke Noordzee. Hier eten zij roeipootkreeftjes en andere kreeftachtigen.
[D vissen ] Dikkopje
In de herfst komen dikkopjes massaal in de Waddenzee voor. In de winter trekken ze naar zee als de temperatuur van het Waddenzeewater onder de 2,5 graden Celsius zakt. Ze paaien buiten de Waddenzee in diep water. Dikkopjes worden twee jaar oud. Hun voedsel bestaat voornamelijk uit roeipootkreeftjes, vlokreeften, aasgarnalen en vissenlarven (onder andere van de tong). ...[D vissen ] Diklipharder
In oudere literatuur is te lezen dat in onze wateren voornamelijk de dunlipharder zou voorkomen, maar vrijwel alle van onze kust afkomstige harders blijken diklipharders te zijn. ...[D vissen ] Doktersvis
De doktersvis kent een groot aantal verwanten. Er zijn negen geslachten en 96 verschillende soorten. De vele soorten doktersvissen hebben een natuurlijk mes aan de basis van hun staart en kunnen zich rond het tropische koraalrif dan ook goed verweren. Hoewel deze kleurige vissen over het algemeen vredelievend zijn, verdedigen ze zich fel wanneer ze worden aangevallen. Ze proberen hun belagers met een klap van hun krachtige staart te verwonden. ...[D vissen ] Doornhaai
Doornhaaien eten voornamelijk zandspiering, in geringere mate wordt haring, schelvis en inktvis in hun magen aangetroffen. ...[D vissen ] Driedoornige stekelbaars
Er zijn acht stekelbaarssoorten. Ze leven in wateren van het noordelijk halfrond met een gematigde temperatuur. Met zijn scherpe stekels en agressieve houding tegenover andere vissen weet de driedoornige stekelbaars veel grotere roofdieren af te weren. Dit moedige en sterke diertje past zich makkelijk aan. Hij voelt zich net zo thuis in het zoute water van door stormen geteisterde kustwateren als in het zoete water van plassen, meren en sloten. ...[D vissen ] Driedradige meun
Driedradige meunen zijn vooral 's nachts actief. Overdag verschuilen zij zich meestal onder stenen. Ze komen voor in ondiep tot vrij diep water (10-120 meter). Hun voedsel bestaat uit grondels, lipvissen, zwemkrabben en garnaalachtigen. De paaitijd valt in januari en februari. Driedradige meunen verkiezen koud water; gedurende de zomermaanden worden zij niet in de zuidelijke Noordzee aangetroffen. ...[D vissen ] Dunlipharder
Door zijn grote gelijkenis met andere hardersoorten wordt de dunlipharder vaak niet als zodanig herkend. Juist deze soort wordt in Noord-Europa vaak in zoet water aangetroffen. ...[D vissen ] Dwergbolk
Dwergbolken zijn algemener dan vroeger werd aangenomen. Ze leven in kleine scholen en hebben geen commerciële betekenis. Ze worden meestal niet herkend tijdens de vangstverwerking aan boord. Ze worden teruggegooid of tot vismeel verwerkt....[D vissen ] Dwergtong
Dwergtongen kunnen ongeveer tien jaar oud worden; hun maximale lengte bereiken ze reeds in hun derde levensjaar. Hun paaitijd is van eind mei tot begin augustus. Het voedsel bestaat overwegend uit kleine wormen en kreeftachtigen. ...[C vissen ] Clownanemoonvis
Vanuit zijn schuilplaats, tussen de tentakels van een op het koraalrif levende tapijtanemoon, lijkt de clownanemoonvis zich om de passanten te verkneukelen. Elke andere vis zou zich flink bezeren aan de giftige tentakels van de anemoon, maar de anemoonvis is ertegen beschermd. De vissen danken hun naam aan hun bonte tekening en vaak onhandige zwembewegingen. Ze hebben een interessant seksleven : mannetjes kunnen van geslacht veranderen en vrouwtjes worden....[B vissen ] Barracuda
De barracuda ziet er wreed uit en houdt zich schuil bij de koraalriffen en in open zee. Hij gebruikt twee paar messcherpe tanden om zijn prooi te doden. Hij komt voor in de warmere zeeën over de hele wereld. Een volwassen barracuda heeft weinig natuurlijke roofdieren die groot genoeg zijn om hem op te eten, hoewel haaien, tonijn en de grote grouper hem af en toe zullen proberen te bijten. ...[B vissen ] Betta
Veel vissen vechten, maar geen enkele is zo vastberaden of strijdlustig als de Siamese kempvis. Het heetgebakerde mannetje valt elk ander mannetje aan dat in zijn territorium ronddwaalt. Als de insluiper zich niet terugtrekt, zitten ze mekaar wel vijftien minuten achterna en bijten en stoten elkaar. Mensen maken gebruik van het agressieve temperament van de soort : ze fokken ze voor visgevechten. De tamme soorten vormen een veel zwieriger verschijning dan hun wilde neven....[B vissen ] Blauwrugzalm
Met hun gekleurde lijven vormen de blauwrugzalmen iedere zomer een scharlaken vloedgolf stroomopwaarts in de rivieren van de Verenigde Staten, Canada, Japan en Rusland. Stroomversnellingen noch watervallen zijn belemmeringen tijdens hun dolle tocht. Om obstakels te omzeilen springen de vissen desnoods boven het wateroppervlak uit. Ze vechten door tot de bestemming is bereikt : de broedplaatsen waar ze, zoals vele generaties voor hen, zullen paren, eitjes leggen en sterven. ...[A vissen] Aal (paling)
De aal deelt zijn Atlantische paaigronden met een nauw familielid, de Amerikaanse paling. Aan het begin en einde van zijn leven legt de aal grote afstanden af. Het is één van 's werelds meest mysterieuze dieren, en niemand lijkt in staat zijn buitengewone levenscyclus te verklaren. Anders dan veel vissen kan de aal zuurstofrijk water opslaan in zijn kieuwen, waardoor hij het water korte tijd kan verlaten om over land te glibberen....[A vissen] Adderzeenaald
Adderzeenaalden leven voornamelijk in open zee en zijn veel minder kustgebonden dan de overige bij ons voorkomende zeenaalden. Ze kunnen tot diepten van honderd meter voorkomen, voornamelijk tussen grote bruinwieren. Door hun fraaie kleurpatroon zijn adderzeenaalden gemakkelijk te herkennen. De mannetjes dragen de eieren, vastgekleefd aan hun buikwand. ...[A vissen] Ansjovis
Ansjovissen planten zich voornamelijk voort in brak water (zeegaten). Ze groeien snel : na drie tot vier maanden zijn ze al acht tot tien cm lang. Vroeger kende men in de Oosterschelde een belangrijke visserij op ansjovis, de zogenoemde weervisserij, een zeer grote fuikconstructie, opgebouwd uit houten palen, met in de punt een net. ...[Vissoorten] Lichaamsbouw vis
Vissen zijn gewervelde dieren die qua ademhaling, voorbeweging, voedselopname en voortplanting zijn aangepast aan het leven in het water. Zij vormen de meest soorten- en ...
totaal:
27
| nu in beeld:
1 - 27



